Koninginnevlucht St. Vincent

Binnen de VNCC-kalender is er één vlucht die al decennialang boven alles uitstijgt: St. Vincent. De koninginnevlucht. De vlucht waar historie wordt geschreven en waar duiven onsterfelijk worden.

Voor deze terugblik gaan we naar 2004. Het jaar waarin Gerard Besselink uit Almelo geschiedenis schreef met zijn legendarische doffer NL 2000-1290301, beter bekend als de “301”.

Een vierjarige geweldenaar die dat jaar alles klopte: 1e VNCC én 1e in het internationale spel. Een prestatie die nog altijd met ontzag wordt uitgesproken.

Velen herinneren zich nog de prachtige reportage van cineast Cees Donkers, die helaas niet meer onder ons is. Hij liet daarin een prachtig contrast zien. Enerzijds de perfectie en uitstraling van Gerard Koopman, die datzelfde jaar nationaal en in sector 4 de eerste speelde met “Miss Waalre”.

En toen kwam die iconische zin:
“Maar het kan ook anders… daarvoor gaan we naar Almelo.”

Wat volgde was pure duivensport.

Geen pracht en praal. Geen luxe. Een eenvoudig hok in Almelo – maar wél een hok met historie. Niemand mocht er zomaar naar binnen, niet omdat er iets te verbergen was, maar omdat alleen Gerard wist waar de balken in de vloer liepen.

Typisch Besselink.

Een liefhebber die altijd wars is geweest van overbodige luxe. Iemand die jarenlang bleef klokken met gummiringen, simpelweg omdat het werkte. Pas toen het écht niet meer kon, stapte hij over op een elektronisch kloksysteem.

Geen franje. Wel resultaat.

De “301” was niet alleen een uitblinker op de vlucht, maar groeide ook uit tot een topkweker. Nog altijd vliegen nazaten van deze doffer vooraan op de uitslag, met name op de zware meerdaagse fondvluchten. De klasse bleek geen toeval.

De afkomst ook niet: de 301 was een kleinzoon van de beroemde Dax-doffer van de Gebroeders Lowik – ook al echte VNCC-iconen.

We schrijven inmiddels jubileumjaar 2026. De koninginnevlucht St. Vincent staat opnieuw op het programma. Nieuwe namen zullen opstaan, nieuwe legendes geboren worden.

Maar één vraag blijft hangen: wie treedt in de voetsporen van de 301?

En misschien nog wel mooier: kan Gerard Besselink, na zijn nationale overwinning in 1994 en zijn legendarische zege in 2004, nóg één keer toeslaan?

In de duivensport weet je het nooit. En juist dat maakt St. Vincent de koninginnevlucht.

Vergelijkbare berichten